Vuursteen bewerken. Even terug naar de kern van de zaak

De prehistorische mens vond in vuursteen een bruikbare grondstof voor het maken van werktuigen. Vuursteen of silex is een harde en duurzame steensoort, maar toch broos genoeg om er makkelijk stukken van af te slaan en te bewerken. Vuursteen is ook erg homogeen en splijt daarom ‘mooi’ en relatief voorspelbaar. Eens je de juiste handelingen onder de knie hebt, maak je makkelijk werktuigen zo scherp als een mes. De eerste werktuigen in silex werden zowat 2,5 miljoen jaar geleden gemaakt door de homo habilis, de ‘handige mens’, één van onze directe voorouders. Deze werktuigen waren relatief groot, erg ruw en weinig verfijnd. Ze lijken weinig op de honderdduizenden jaren jongere microlieten uit het Mesolithicum, kleine verfijnde werktuigen die we ook in Kerkhove aantreffen. Logisch, want technologie staat nooit stil. Ook niet tijdens de prehistorie.

In dit bericht gaan we wat dieper in op vuursteenbewerking. Hoe ging de prehistorische mens te werk en hoe evolueerde de technologie doorheen de prehistorie? 

Vuursteen vormt zich in kalk- en krijtgesteenten. Meestal komt het voor als knollen, onregelmatig gevormde en vaak afgeronde brokken steen. Vuursteen werd (en wordt nog steeds) verzameld op plaatsen waar kalk- en krijtgesteenten dagzomen of op plaatsen waar erosie de onderliggende bodem aan het licht brengt. Zo vind je nog steeds knollen op de stranden langs de Engelse en Franse kanaalkust, vooral aan de voet van de witte krijtrotsen. De prehistorische mens ging ook op zoek onder de grond. Ondermeer in Spiennes (B) en Rijckholt (NL) werd er tijdens het neolithicum vuursteen opgedolven via ingenieuze mijnsystemen.

Om een werktuig te maken haalde de prehistorische mens stukken van de vuursteenknol. De meest eenvoudige techniek bestaat erin twee knollen tegen elkaar te slaan totdat ze breken. Om meer controle te krijgen over het resultaat, bewerkte men de vuursteenknol met een hamer of een ander instrument. Vaak werd er gebruik gemaakt van een klopsteen, een afgeronde kei van een zachtere, en minder broze steensoort dan vuursteen. Kwartsiet zandsteen blijkt hiervoor ideaal te zijn. Om dunnere en regelmatiger gevormde afslagen te bekomen, gebruikte men vaak een kleinere en nog zachtere klopsteen of een hamer in gewei of hout. Voor een nog fijner resultaat ging men vuursteen indirect behameren.  Hiervoor kon de prehistorische mens gebruik maken van een beitel in hout of gewei. De kracht van de slag met de hamer werd zo via de beitel gedoseerd overgebracht op de vuursteen. Voor het echt fijne werk werd er dan weer gebruik gemaakt van een puntige staaf in gewei, waarmee men door te drukken kleine stukjes vuursteen kon verwijderen.

Duurzaamheid mag dan een hedendaags concept zijn, ook de prehistorische mens probeerde het maximum te halen uit een minimum aan grondstoffen. Deze ambitie lijkt zelfs in grote mate de technologische evolutie in vuursteenbewerking te hebben bepaald. De vroegste werktuigen uit vuursteen werden gemaakt door zoveel afslagen van een vuursteenknol te verwijderen tot de gewenste vorm overbleef. De restfractie van de vuursteenknol, ook wel kern genoemd, deed dus dienst als werktuig, terwijl de afgeslagen fragmenten als afval werden beschouwd. Elke vuursteenknol was dus goed voor één werktuig. Op deze manier maakte de homo habilis 2,5 miljoen jaar geleden de eerste primitieve werktuigen met één (choppers) of twee aangescherpte randen (chopping tools). In Europa maakte onder andere de homo heidelbergensis vuistbijlen uit de kern. Deze voorouder van de mens verscheen zowat 500 000 jaar geleden op het toneel.

Zo’n 300 000 jaar geleden introduceert de homo neanderthalensis een nieuwe manier van werken. Hij slaagde er in de vorm van de afslag vooraf op de vuursteenknol vast te leggen. Hierdoor kon de Neanderthaler beter afgewerkte werktuigen maken, maar produceerde hij ook meer regelmatige vuursteensplinters. Hij ging dan ook als eerste aan de slag met de afgeslagen fragmenten die voordien als afval werden beschouwd. Werktuigen werden steeds gevarieerder: waar voordien de vuistbijl gebruikt werd voor zowat alles, verschijnen nu meer gespecialiseerde werktuigen zoals schrabbers en spitsen. Minstens even belangrijk (om even terug te komen op het aspect van de duurzaamheid): van een zelfde hoeveelheid vuursteen kon nu veel meer gereedschap gemaakt worden. 

De moderne mens wist deze manier van werken nog verder te verfijnen. Uit een beperkte hoeveelheid vuursteen produceerde hij een hele reeks smalle langwerpige fragmenten. Deze fragmenten worden ook wel klingen genoemd. Ze zijn meestal twee maal zo lang als ze breed zijn en onderscheiden zich op die manier van de korte en brede standaard afslagen. Door de fijne en snijdende boorden werden afslagen en klingen direct als mes gebruikt, bijvoorbeeld voor het snijden van vlees, huiden of planten. Om werktuigen met een specifieke vorm te bekomen werden de afgeslagen fragmenten verder bewerkt of geretoucheerd. Hierbij werden zeer kleine stukjes van het werktuig gehaald om zo bepaalde randjes scherp of net stomp te maken. Tijdens het Mesolithicum (8 700-5 300/4 500 v. Chr.) en zelfs ietsje vroeger leidt deze methode tot de productie van microlieten, kleine en verfijnde werktuigen zoals er in Kerkhove tientallen werden aangetroffen.

In dit oudere bericht lees je meer over de microlieten van Kerkhove en het gebruik van deze steentjes als pijlbewapening tijdens het Mesolithicum. Dit bericht sluiten we dan weer af met een illustratie van het intensieve proces van vuursteenknol tot mesolithische pijl. Bekijk onze presentatie door te klikken op onderstaande afbeelding!

prezi
druk op de afbeelding om de presentatie te starten

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s